Een natuurproduct
Een goede sigaar bestaat voor 100% uit tabak. Tabaksplantages zijn te vinden
in subtropische landen. De voornaamste landen die sigarentabak telen
zijn Cuba, Brazilië, Indonesië en de Dominicaanse Republiek. De
kwaliteit van de tabaksplant is, net als bij wijn, afhankelijk van vele
factoren, zoals het klimaat en de bodemgesteldheid. De beste
sigarentabak gedijt rond de evanaar op vulkanische of kleiachtige
humusrijke bodem. Het duurt ongeveer vijf maanden voordat uit een zaadje
een volwassen tabaksplant is gegroeid. De bladeren worden blad voor blad
van onderen naar boven geplukt. De onderste bladeren noemen we het
zandblad, naar boven toe volgt het voetblad, het middenblad en het
topblad.
Het zandblad is het duurste. Het heeft een fijne nerfstructuur,
is zeer aromatisch en heeft een bruine, lichte kleur. Na het plukken
worden de bladeren gedroogd door ze aan dunne draden te rijgen en in
droogschuren op te hangen. Daarna volgt het fermenteren. Dit is het
laten broeien van de tabaksbladeren op een temperatuur van 50º C.
Hiermee verkrijgt de tabak zijn exquise geur, kleur en soepelheid. Omdat
de sigaar een natuurproduct is en om de geur, smaak en soepelheid te
bewaren, dient een sigaar bewaart te worden in een omgeving met een
relatieve luchtvochtigheid van 60-70%.
Samenstelling sigaar
De sigaar bestaan uit drie delen. Van buiten naar binnen zijn dit het
dekblad, het omblad en het binnengoed. Het omblad wordt uit tabaksbladen
geselecteerd op hun geur maar ook hun kleur. Voor het omblad worden de
kostbare zandbladen gebruikt. Voor het binnenwerk worden per sigaar
verschillende soorten tabak gebruikt. Bij sigaren is onderscheid te
maken in shortfillers en longfillers. Bij de longfillers bestaat het
binnengoed lout en alleen uit hele, opgerolde bladeren van hoogstens een
paar soorten tabak. Sigaren uit Midden-Amerika, zoals de havana zijn
hier een goed voorbeeld van. Het binnengoed van de shortfiller bestaat
uit snippers tabak. De Hollandse sigaar is daarvan het meest
aansprekende voorbeeld.
De tabak
Er
bestaan vier soorten tabak. De bekendste is wel de "Hollandse" Sumatra.
Deze tabak is zeer zacht en bevat vele aromatische bestandsdelen. De
tabak is smakelijk en goed trekkend. De Java tabak is dikker en grover
van structuur. Dit is vaak te zien aan het dekblad. De smaak van de Java
tabak is sterker dan die van de Sumatra tabak. De donkere kleur van de
Braziel tabak lijkt dat deze sigaren staan voor zwaar en pittig. Maar
deze tabak is juist zoet en zacht. De havana sigaar kan een zogenaamde
longfiller zijn. De geur ervan is rijk en zacht. De sigaren zijn meestal
met de hand gemaakt en daardoor zeer prijzig. Deze sigaren moeten
bewaard worden in een luchtvochtigheidsgraad van 80-85%.